Onderstaand een zeer illustratief verhaal dat werd gemaakt over het weer op vrijdag 11 augustus in mijn woonplaats Bennekom.

Dit leerzame verhaal over wolken, wat vertellen ze ons eigenlijken wat betekent dat voor het weer,  was een van de onderwerpen in de vaste rubrieken op de website van Meteo Consult in Wageningen en dan met name de site  www.weer.nl

 

Tom van der Spek van Meteo Consult gaf toestemming om zijn verhaal op mijn website te plaatsen.

 

 

 

 

Wolken

van 11 augustus nader bekeken

zondag 13 augustus 2006

door Tom van der Spek

 

De afgelopen dagen was het erg onstabiel en op diverse plaatsen vielen er forse buien en hier en daar werden zelfs wind- en waterhozen gezien. Aan de andere kant waren er ook gebieden waar de zon regelmatig doorbrak en er qua neerslag maar weinig gebeurde. Hoe dan ook, er werden fraaie luchten gezien en de liefhebbers van spectaculaire wolkenluchten kwamen dan ook volledig aan hun trekken. Hier en daar had men het geluk om uitermate spectaculaire plaatjes te schieten.

In het navolgende verhaal zullen we eens vertellen wat er zoal op deze wolkenfoto’s is te zien. We doen dit niet aan de hand van foto’s daar waar het weerbeeld extreem spectaculair was of de hemel een beeld toonde dat maar zelden is te zien. De geluksvogels die dat met eigen ogen hebben gezien en er in slaagde het ook op de (digitale) plaat vast te leggen, mogen zich gelukkig prijzen.

Wij behandelen een aantal meer “gewone” wolkenfoto’s, die op zich ook best mooi zijn, en allemaal eergisteren (vrijdag dus) zijn geschoten vanuit Bennekom. Ze tonen een beeld zoals dat door veel mensen kon worden gezien en daarom is er ook wat van te leren. Vergelijkbare luchten kunnen wellicht de komende week nog vaker worden gezien, maar op maandag niet. Uit een gesloten wolkendek zal het dan aanhoudend en overvloedig regenen…


 

Foto 1, net als alle anderen, gemaakt vanuit Bennekom, op vrijdag 11 augustus. Zie de tekst voor een nadere verklaring.

Foto 1 is vrijdagochtend genomen, richting het noordwesten. Er zijn heel wat verschillende wolken te zien. Het heeft in de ochtend een tijdlang geregend, maar die buien zijn inmiddels naar het zuidoosten weggetrokken. Vaak ontstaat er, als de lucht van onder tot boven verzadigd is van vocht, op diverse niveaus onder het wolkendek waar de regen uit valt, nieuwe bewolking die, zeker als het stevig waait, er rafelig en verbrokkelend uitziet. Een deel van deze zogenaamde “fracto-stratus” is midden-links nog zichtbaar op de foto. Hij lijkt erg donker, maar dat komt in dit geval omdat deze laaghangende wolk niet door de zon wordt beschenen, dit in tegenstelling tot de wolken op grotere hoogte en dichter bij de horizon. De lage flarden aan de onderkant is typerend voor fracto-stratus, maar de bovenkant van de wolkenbank lijkt wat op te bollen en vormt aldus meer een strato-cumulus wolk, een mengvorm tussen een gelaagde (stratus) wolk en een stapelwolk, de cumulus. Deze mengvorm wordt in ons land heel vaak gezien.

Hoog aan de hemel hangt ook bewolking die er status-achtig oogt. In feite is dit ook een wolkenbank die in de eerder vallende regen werd gevormd, maar zich simpelweg een stuk hoger ophoudt. Hij is meer wit gekleurd, omdat hij het zonlicht vangt.

Verder is natuurlijk de wolkenband boven de horizon zeer markant. Het betreft hier een keten van flink uit de kluiten gewassen cumuluswolken, die van basis tot de top groter zijn dan de afstand van de basis van de wolk tot op de grond. We noemen dit “cumulus-congestus” wolken. Grote stapelwolken dus, die echter nog niet het buienstadium hebben bereikt. Dat is te zien omdat de bovenkant van deze wolken er ook nog scherp, “bloemkoolachtig” uitziet.

Opvallend is ook dat boven deze rij van grote stapelwolken een dikke band met vrij egale hoge bewolking is te zien. Deze dichte bewolking hangt véél hoger dan de stapelwolken daarvoor en ook nog een stuk verder weg richting het noordwesten. Het zijn de verijsde bovenkanten van enorme buienwolken, die in de uren daarvoor in delen van Noord-Holland, Flevoland en Noord-Gelderland 15 tot 30 mm neerslag hadden achtergelaten. De bovenkanten van deze buien kunnen, als de hemel daarvoor helder is, wel tot op meer dan 100 km afstand worden gezien… Door de winden op grote hoogte waaieren deze schermen vaak in de vorm van een aambeeld uit.


 

Foto 2, rond 20 minuten na foto 1 gemaakt. Zie verder de tekst.

Foto 2 laat het beeld zien zoals dat, in dezelfde richting kijkend, een 20 tal minuten later kon worden bewonderd. Nog steeds is links de donkere fracto-stratusbewolking zichtbaar, die toen echter als deels was opgetild en opgelost. De aambeelden van de buien in het noordwesten worden hierdoor nog wat duidelijker zichtbaar, al bevinden de buien zélf zich nog op een behoorlijke afstand. Daarvoor is de rij van flinke stapelwolken wat dichterbij gekomen. Uit de diverse omhoog schietende “koppen” is de onrust in de atmosfeer duidelijk af te lezen. Nog steeds blijven de bloemkoolwolken scherp aan de bovenkant, wat betekent dat er (nog) geen neerslag uit valt. In feite was het ook duidelijk te zien dat de band als geheel niet echt stérk wilde groeien. Hiervoor is het nodig dat de lucht een stijgende beweging doormaakt. Die stijgstromen kwamen hier niet zo heel goed uit de verf, wat kwam door het grotere buiencomplex dat verder naar het noordwesten hing. Hierin vonden grotere stijgbewegingen plaats die echter in de omgeving van de buien door dalende luchtbewegingen werden gecompenseerd. Nieuwe buienvorming vóór deze buienlijn uit werd aldus gehinderd en sommige stapelwolken uit deze rij waren qua verticale afmeting dan ook even groot of iets kleiner geworden dat de afstand van de wolkenbasis tot de grond. In dat geval spreken we over een “cumulus-mediocris” wolk.

In Bennekom was er dan ook geen sprake van nieuwe fikse buien die vanuit het noordwesten kwamen binnenzeilen. De wolkenrij passeerde even later droog en wat later die ochtend kwam het grote buiengebied daarachter, al uitblussend door met slechts korte tijd wat lichte tot matige regen.


 

Foto 3, in de loop van de middag gemaakt. Zie de tekst voor een verdere verklaring.

In de loop van de middag klaarde het wat feller op en kregen we zicht op een flinke stapelwolk, die hard onderweg was tot het buienstadium uit te groeien (foto 3). De wolkentop in het midden van de foto is al tot een behoorlijke hoogte doorgeschoten en hoewel hij nog een aardige bloemkoolstructuur heeft, is al te zien dat hij hier en daar wat vager en vezeliger van structuur wordt, wat iets lager en iets naar rechts nog wat duidelijker is te zien. Zodra een stapelwolk aan of nabij de top vezelig gaat zien, betekent dat dat de wolk gaat verijzen en dat de neerslagvormende processen op gang beginnen te komen. Dit werd aldus een vrij kleine, maar felle bui, die overigens op korte afstand door het noorden passeerde. Zodra een stapelwolk het buienstadium heeft bereikt, wordt deze “cumulonimbus” genoemd, en in het geval van een buienwolk zonder vezelig aambeeld, krijgt deze het achtervoegsel “calvus,” oftewel “kale” buienwolk.

Aldus werd Bennekom door de buien nog aardig gespaard, maar de nacht- en ochtendregen hadden toch nog bijna 12 mm neerslag opgeleverd. In de avond werd richting het oosten nog een aantal fraaie stapelwolken gezien, in verschillende stadia van buienvorming (Zie foto 4, en meer in close-up, foto 5). Helaas werd het beeld ietwat verstoord door een verbrokkeld stratus-wolkendek op enige hoogte, maar dat is zeer dikwijls in ons land het geval. Dat maakt dat buien soms een beetje stiekem komen opzetten. Niet zelden wordt het uitzicht namelijk vrijwel geheel door een ervoor hangend wolkendek verstoord. Pas als het daadwerkelijk donker wordt voelt men nattigheid, maar dan hangt de bui al erg dichtbij…


 

Foto 4, in de avond gemaakt. Zie tekst.

Hoe dan ook, ditmaal was er nog voldoende zicht op een tweetal buien, op grote afstand richting het oosten. De meest rechtse is duidelijk het oudste exemplaar. Het verijsde aambeeld beslaat een groot deel van de wolk, zelfs op wat lagere hoogtes lijkt de wolk voor een groot deel uit ijs te bestaan. Een dergelijke bui kan nog flink wat neerslag opleveren, maar is al duidelijk over zijn hoogtepunt heen. De regen vermindert en uiteindelijk wordt het droog.

De buienwolk tussen de kerktoren en het huis met de twee schoorstenen (op foto 5 meer in detail zichtbaar) is een schoolvoorbeeld van een volwassen buienwolk met de typische aambeeldvormige vezelige pluim op de top. Ziet u zoiets naderen vanuit de verte, dan kunt u er zeker van zijn dat er een flinke bui zal volgen. Vanwege dat aambeeld wordt een dergelijke wolk een “cumulonimbus-incus-cappilatus” genoemd.


 

Foto 5, close-up van foto 4 en vrijwel op hetzelfde tijdstip gemaakt. Zie de tekst voor een verdere uitleg.

Tot slot hiervan zien we links hiervan nog een derde grote stapelwolk zijn best doen om tot een forse bui uit te groeien. Een echte vezelige structuur is nog niet zichtbaar, maar de wolk begint wel te verijzen. Dit is dus weer een cumulonimbus-calvus en het was fraai om deze drie stadia van buienvorming zo naast elkaar te kunnen zien. Die buien hingen trouwens best een eind weg, namelijk langs de Duitse grens in de Achterhoek. Terwijl ze in de loop van de avond langzaam verder zuidzuidoostwaarts trokken, doofden ze geleidelijk uit. Ze konden deels ontstaan in een luchtsoort die door de zon ook in de onderste niveaus onstabiel was geworden. Rond en na zonsondergang stabiliseerde de lucht onderin, waardoor de buien van deze voeding werden beroofd. In de late zomer en het najaar zien we dikwijs dat buien boven land pas in de late ochtend beginnen te ontstaan en ’s avonds aldus uitsterven. Boven het relatief warme water van de Noordzee en het IJsselmeer kan de buienvorming ook in de avond en nacht doorgaan, omdat daar de atmosfeer van onder tot boven onstabiel van opbouw blijft.

Wilt u meer over de wolken te weten komen? Meteo Consult verzorgt een workshop "wolken-herkennen". Voor details, klik www.metoconsult.nl

Bron: Eigen archief , Meteo Consult